Dolfijngroep

Ouderinformatie Dolfijnwerk voor kinderen en ouders(2017/2018)

-Doelen en eindproduct project Gorinchem.

-Studieplanner leerlingen.



**Nieuwsbrieven staan onderaan deze pagina.
 

De dolfijngroep: zorg voor (hoog)begaafde kinderen
 
Sinds november 2009 hebben we op onze school een dolfijngroep. Hierin zitten kinderen die aan het basis aanbod in de eigen groep niet genoeg hebben maar behoefte hebben aan een stuk verdieping. Ongeveer twee uur in de week bezoeken ze de dolfijngroep, samen met meestal 2 of 3 jaargroepen tegelijk.Afhankelijk van de begeleiding die nodig is, is deze groep niet groter dan 10-18 kinderen. De kinderen krijgen les van een speciaal voor deze groep aangestelde leerkracht, die een speciale scholing hiervoor volgt of al heeft afgerond.Wij zien de dolfijngroep als een stuk zorg, als RT naar de bovenkant.
 
Waarom een dolfijngroep?
 
Schoolmethodes zijn geschreven voor de gemiddelde leerling. Zowel de 10% zwakste leerlingen als de 10% beste leerlingen komen aan de methode tekort. Zij hebben andere stof nodig die aan hun niveau is aangepast.
 
Dat geldt voor de kinderen die moeilijk leren, maar ook voor de kinderen die juist heel goed kunnen leren. Zij worden door de normale stof te weinig uitgedaagd. Het is voor hen zo makkelijk dat ze geen leer- en werkstrategieëngaan inzetten, want dat is niet nodig. Ze doen veel intuïtief, leren repetities niet of op het laatste nippertje en scoren daarvoor ook nog voldoende
 
Ze leren op deze manier niet om te leren, werk te plannen, zich in te spannen enz. Als ze dat later in hun leven wel moeten doen, zorgt dat vaak voor grote problemen. Veel (hoog)begaafde leerlingen stranden op het VO of op de universiteit en maken nooit hun studie af.
 
Ook leren de kinderen niet om te falen. Fouten maken mag en moet: anders leer je niets. Dat is één van de motto’s van de dolfijngroep. Het werk moet zo moeilijk zijn, dat er inspanning geleverd moet worden en dat het ook wel eens niet lukt. Hulp vragen en toch doorzetten is dan het devies!
 
Te makkelijk werk kan bij leergierige kinderen ook leiden tot verveling in de klas. Zij kunnen veel meer aan en het is belangrijk dat ze ook hun plezier in het leren behouden. Anders is de kans op onderpresteren enhet ontstaan vangedragsproblemen, perfectionisme of faalangst aanwezig.Daarom is een verdiepend (bijv. moeilijker rekenwerk) en verbredend aanbod op zijn plaats. Bij verbreden denken we aan Spaans, Italiaans, filosofie, scheikunde ed. Dat zijn vakken die niet standaard op de basisschool worden gegeven.
 
We besteden ook aandacht aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van deze kinderen. Zij zijn daarin vaak verder dan andere kinderen en hebben meestal al een hoger spelniveau waardoor makkelijk misverstanden ontstaan tijdens het spelen met leeftijdgenootjes. De dolfijngroep is dan ook een plaats waar je even kunt samenwerken op je eigen niveau.
 
Het kan ook zijn dat de intellectuele ontwikkeling nog veel verder is dan de sociaal-emotionele ontwikkeling. We zien dan vaak kinderen met belangrijke levensvragen, die eigenlijk niet passen bij hun leeftijd, maar die ze wel hebben. Ook daar praten we met elkaar over.
 
Samenvattend besteden we in de dolfijngroep aandacht aan leren leren, door middel van een verdiepend en verbredend lesaanbod en besteden we aandacht aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van de ´dolfijnkinderen´. We hopen dat ze zo met goede leer-en werkstrategieën en met plezier in leren naar het VO kunnen gaan.
 
Hoe selecteren we de kinderen?
 
Twee keer per jaar, na de afname van de Citotoetsen, selecteren we de kinderen voor de dolfijngroep aan de hand van de volgende criteria:
 
1.We kijken naar de gegevens van het leerlingvolgsysteem van Cito.
 
Voor de vakken rekenen, begrijpend lezen en spellen moeten de kinderen per vak voor de laatste drie toetsmomenten minimaal 2x een I+ en 1x een I gehaald hebben.
 
Voor de kinderen uit groep 3 nemen we in plaats van begrijpend lezen, technisch lezen als toets in het rijtje op. We willen dat ze minimaal AVI M5 hebben. Dan pas voldoetde verrijkingslijn van de leesmethode niet meer
 
2.Het kan zijn dat begaafde kinderen niet altijd in toetsen laten zien wat ze eigenlijk zouden kunnen.Bij het vermoeden van onderpresteren worden er vragenlijsten van het signaleringssysteem Surplus gebruikt. Deze lijsten worden door ouders, leerkrachten, en vanaf groep 5, ook door de leerlingen ingevuld. De uitslag van deze lijsten wordt weergegeven in een cirkelmodel. Daarin kunnen 6 cirkels gevuld worden voor intellectueel vermogen en creatief denkvermogen. Als er minimaal vijf van de zes gekleurd zijn bij ouders en leerkrachten mag het kind ook in de dolfijngroep.
 
3.Het kan zijn dat uit een onderzoek is gebleken dat een kind hoogbegaafd is, bijvoorbeeld door een intelligentieonderzoek. Ook dan gaat het kind naar de dolfijngroep.
 
4.Soms hebben kinderen een leer- of gedragsstoornis, terwijl ze ook (hoog)begaafd zijn. Bijvoorbeeld ADHD en (hoog)begaafdheid en dyslexie en (hoog)begaafdheid. Ook vormen van autisme in combinatie met (hoog)begaafdheid komen voor. Als het voor deze kinderen beteris om naar de dolfijngroep te gaan, zijn ook zij daar welkom.
 
5.Kinderen in groep 8 met een score van545 of hoger voor de eindtoets van Cito mogen, als ze gemotiveerd zijn ook nog een paar maanden naar de dolfijngroep.
 
Wanneer gaan kinderen weer uit de dolfijngroep?
 
Als kinderen die op criterium 1 in de dolfijngroep zitten de vereiste scores niet meer halen, verlaten ze in principe de dolfijngroep. Als ouders of leerkrachten denken dat het toch een kind is dat in de dolfijngroep hoort,kan volgens criterium 2 alsnog geselecteerd worden.
 
Als kinderen volgens criterium 2 in de dolfijngroep zitten, moet er na een jaar vooruitgang te zien zijn in hun toetsresultaten. Ze moeten minimaal 2x een I en 1x een II hebben voor rekenen, begrijpend lezen en spellen. Zitten ze daaronder, dan verlaten ze de dolfijngroep, tenzij ze onder criterium 3 of 4 vallen. De prioriteit komt dan eerst bij het reguliere schoolwerk te liggen.
 
Kleuters
 
Kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong krijgen in de eigen groep uitdagend spelmateriaal en werk aangeboden. De dolfijnleerkrachten adviseren hiervoor de groepsleerkrachten.
 
Oudercontact
 
De ouders van ‘dolfijnkinderen’ worden minimaal drie keer per jaar via een informatiebrief op de hoogte gebracht van de lesinhouden en de (groeps)doelen van de aankomende periode.Deze brieven worden per e-mail naar de ouders gestuurd.
 
Daarnaast zijn er twee algemene informatieavonden voor de ouders van de dolfijnkinderen van alle scholen uit onze vereniging TriVia. Deze avonden vinden per toerbeurt op alle scholen plaats en iedereen is dan welkom. Van de ontvangende school is de directeur en de intern begeleider aanwezig. De avonden worden ingevuld door de dolfijnleerkrachten. Ouders worden per mail voor deze avonden uitgenodigd.
 
De kinderen krijgen drie keer per jaar een apart vel in hun rapport mee, waarin de resultaten van hun werk worden vermeld.
 
Hoewel de kinderen in principe onder de verantwoordelijkheid van de groepsleerkracht vallen, en die het eerste aanspreekpunt is, kan er altijd met de dolfijnleerkracht contact gezocht worden als daar reden voor is. Ouders kunnen altijd mailen en binnenlopen of een afspraak maken voor een gesprek.
 
We houden geen 10-minutengesprekken n.a.v. de rapporten. Dat is praktisch gezien niet mogelijk omdat op al onze TriViascholen die gesprekken in dezelfde periode vallen en de dolfijnleerkracht onmogelijk over rond de 100 kinderen gesprekken kan voeren. Willen we dat doen, dan gaat dat ten koste van onderwijstijd. In overleg met de ouders is besloten hier niet voor te kiezen. Lessen gaan voor!
 
Als er foto’s zijn van activiteiten worden deze op onze website geplaatst.


Algemene ouderavond Dolfijngroep